Vol passie

Liaisons officer Jean de Gooijer (48), werkzaam bij bureau internationale contacten van diergeneeskunde, brouwt zijn eigen bier.

Bier?

Jean de Gooijer

„Het eerste biertje dat ik dronk, dat geen pils was, kan ik me nog heel goed herinneren. Na een voorstelling was ik met de toneelvereniging van Veritas een weekend naar Maastricht en daar kreeg ik een Mort Subite, een bijzondere biersoort. Daar is mijn interesse in speciale bieren ontstaan. Als ik in het buitenland ben, ga ik ook altijd wel even kijken of ik nog een speciaal nieuw biertje kan vinden.”

Waarom brouw je zelf bier ?
„Bijna tien jaar geleden kwam ik bij bierbrouwersgilde 'De Amervallei' terecht. Daar heb ik via gedegen cursussen leren brouwen. Van dat gilde ben ik zes jaar lang voorzitter geweest. Ik heb ook een aantal wedstrijden gewonnen waardoor ik mijzelf nu brouwmeester mag noemen. Ik kook graag en eigenlijk is bierbrouwen bijna hetzelfde, het is een soort specialisme. Ik brouw in de schuur bij ons huis. Met het brouwen ben je gauw zeven uur achtereen bezig. Het is heel rustgevend, ik kan over dingen nadenken. Per jaar brouw ik ongeveer 350 liter bier. Daar word je wel populair mee, haha.”

Jean de Gooijer

Wat is voor jou het ideale bier ?
„Het perfecte bier bestaat niet, maar een goed biertje moet er goed uitzien, goed smaken en een stevige schuimkraag hebben, dat is wel belangrijk. Zo'n Engels biertje zonder kraag, vind ik niks. In Duitsland schenken ze goed bier. Het duurt een minuut of acht voordat je het krijgt, maar dan is het wel heel goed getapt. Zelf brouw ik het liefst zo natuurlijk mogelijk, zonder extra smaaktoevoegingen. Ik drink zeker niet iedere dag bier. Eigenlijk is bier vloeibaar brood. In een stevig biertje gaan ongeveer drie boterhammen, dus als je daar veel van drinkt, krijg je veel calorieën binnen.”

Fotografie: Onno van der Veen.